Grenzen aangeven op je werk
Grenzen aangeven op je werk is zeggen wat je wel en niet doet, voordat je het al gedaan hebt. Een zin die werkt heeft drie delen: wat er speelt, wat jij wel kunt of wilt, en ruimte voor de ander om te reageren. Zonder smoes, want een smoes nodigt uit tot onderhandelen, en zonder verwijt, want een verwijt maakt van een grens een ruzie.
Drie situaties van het werk
Situatie 1
Je leidinggevende vraagt je vanavond over te werken. Om 18.00 uur haal je je kind op. Morgenochtend kun je wel een uur eerder beginnen.
Welke reactie is het meest assertief?
- A "Ik blijf liever niet over, dat wordt lastig met de opvang. Ik laat het nog weten."
- B "Vanavond niet, om 18.00 uur haal ik mijn kind op. Morgen begin ik wel eerder."
- C "Vanavond is lastig, maar ik regel wel iets en haal mijn kind later op."
- D "U vraagt dit steeds op de valreep. Daar heb ik geen zin meer in."
Toon het antwoord
B "Vanavond niet, om 18.00 uur haal ik mijn kind op. Morgen begin ik wel eerder.". B zegt nee met reden en biedt een moment dat wel kan. A noemt geen reden en geen oplossing, C belooft toch iets, D maakt er een verwijt van.
Situatie 2
Je leidinggevende wil dat je er een derde project bij neemt. Met twee loop je al achter. Je wilt eerst de twee afmaken.
Welke reactie is het meest assertief?
- A "Ik neem het erbij en kijk wel hoe ver ik kom, het lukt altijd wel."
- B "Een derde project houd ik niet vol, dat spraken we in het jaargesprek niet af."
- C "Er kan niets bij, twee projecten lopen al achter. Wat moet eerst af?"
- D "Ik kan het doen, maar dan ligt de rest stil. Dat leg ik wel aan de klant uit."
Toon het antwoord
C "Er kan niets bij, twee projecten lopen al achter. Wat moet eerst af?". C zegt dat er geen ruimte is en vraagt de leidinggevende te kiezen. A neemt alles aan, B wordt een standje over de afspraak, D dreigt met de gevolgen in plaats van een keuze te vragen.
Situatie 3
Je wilt met je leidinggevende Marloes praten over je werkdruk. Ze heeft het druk en zit vaak in vergaderingen.
Welke reactie is het meest assertief?
- A "Marloes, heb je donderdag of vrijdag een halfuur voor mijn werkdruk?"
- B "Marloes, ik wacht al drie weken op een moment; je agenda zit altijd vol."
- C "Ik loop donderdag wel langs als je deur openstaat, dan zien we wel."
- D "Ik hang mijn overuren op het teambord voor iedereen; hopelijk leest Marloes ze."
Toon het antwoord
A "Marloes, heb je donderdag of vrijdag een halfuur voor mijn werkdruk?". A vraagt een afspraak met het onderwerp, de duur en twee momenten. B maakt er een verwijt van, C wacht op een gelegenheid, D hoopt dat iemand het leest.
Waarom de grens meestal te laat komt
De meeste grenzen op het werk worden niet uitgesproken maar overschreden, en pas daarna gevoeld. Je zegt ja tegen de klus van vrijdagmiddag, baalt het hele weekend en zegt maandag niets. De volgende vrijdag ligt er weer een klus. De ander weet van niets, want die heeft alleen een ja gehoord. Een grens aangeven is dat ja vervangen door wat je werkelijk kunt, op het moment dat het gevraagd wordt.
Vier manieren waarop mensen reageren
Op een verzoek dat je niet uitkomt, reageren mensen grofweg op vier manieren. De assertiviteitstest laat zien welke jij het vaakst kiest.
- Terughoudend: je eigen wens wegzetten voor de vrede of voor de ruimte van een ander.
- Assertief: zeggen wat je wilt, met respect voor de ander.
- Dominant: je plan of je zin doordrukken, ook als dat ten koste van de ander gaat.
- Indirect: via een omweg laten merken wat je wilt, met een hint, een vraag of een ander.
Drie van de vier kosten je iets. Wie terughoudend ja zegt, betaalt met zijn avond. Wie doordrukt, betaalt met de werkrelatie. Wie een omweg neemt ("ik kijk of het lukt"), betaalt twee keer: de ander rekent erop en jij moet het alsnog zeggen. De assertieve zin kost het minst, en is het lastigst om uit te spreken.
De zin in drie delen
Een grens die aankomt, bestaat uit drie delen. Eerst wat er speelt, in één zin en zonder oordeel: "Om 18.00 uur haal ik mijn kind op." Dan wat je wel kunt of wilt: "Morgenochtend kan ik een uur eerder beginnen." En tot slot ruimte voor de ander: "Is dat op tijd?" Het eerste deel maakt de grens begrijpelijk, het tweede maakt hem werkbaar, het derde houdt het een gesprek.
Let op wat er niet in staat. Geen "sorry, maar", want daarmee zeg je dat je iets verkeerds doet. Geen "eigenlijk", want dat zegt dat je nog te vermurwen bent. En geen "ik zou wel willen, maar", want dat is een smoes in wording.
Wat je weglaat: de smoes en het verwijt
Een smoes voelt beleefd en werkt averechts. "Ik heb vanavond al iets" nodigt uit tot "en morgen dan?", en bij de derde vraag zit je vast. Een grens zonder reden ("vanavond doe ik het niet") is korter en houdt stand, en een reden mag je geven als hij waar is en je er niet over wilt onderhandelen.
Een verwijt voelt sterk en maakt de grens tot een ruzie. "Je had het eerder moeten vragen" kan kloppen, en de ander hoort alleen de aanval en verdedigt zich. Daarna gaat het gesprek over wie gelijk heeft en niet meer over vanavond.
Als de ander doordrukt
Herhaal je zin. Korter, zonder nieuwe argumenten, in dezelfde toon. "Vanavond lukt niet, morgen om acht uur kan ik." Elk nieuw argument is een nieuw aanknopingspunt voor de ander; dezelfde zin voor de tweede keer is dat niet. Bij een leidinggevende kun je daarna de keuze teruggeven: "Als dit vanavond af moet, welk van de andere twee schuift dan op?" Dan ligt de afweging waar hij hoort, en jij hebt je grens niet hoeven verdedigen. Meer daarover staat in nee zeggen tegen je leidinggevende.
Oefenen met situaties van het werk
De assertiviteitstest laat in dertig keuzes zien welke van de vier stijlen je het vaakst koos. De training Assertiviteit oefent daarna dertig dagen met situaties als de drie hierboven, verdeeld over vijf onderdelen, met na elke keuze de uitleg waarom een andere zin beter werkte. Je begint met de gratis test van de training. Hoe je een nee uitspreekt zonder uitvlucht, staat op nee zeggen; wat assertiviteit in de breedte is, op assertiviteit.
Veelgestelde vragen
- Hoe geef ik een grens aan zonder onaardig te zijn?
- Zeg wat er speelt, zeg wat je wel kunt en laat ruimte voor een antwoord. "Vanavond lukt niet, morgenochtend kan ik een uur eerder beginnen." Dat is vriendelijk omdat het de ander iets geeft om mee verder te kunnen, en duidelijk omdat er geen smoes in zit om over te onderhandelen.
- Wat als mijn leidinggevende de grens niet accepteert?
- Herhaal je zin, korter, zonder nieuwe argumenten. Nieuwe argumenten zijn nieuwe aanknopingspunten. Vraag daarna wat er dan moet wijken: "Als dit vanavond af moet, welk van de twee andere projecten schuift dan op?" Zo leg je de keuze terug waar hij hoort.
- Is grenzen aangeven hetzelfde als nee zeggen?
- Nee zeggen is één vorm ervan. Een grens kan ook een verzoek zijn (een gesprek over je werkdruk aanvragen) of een afspraak vooraf (tot 17.00 uur bereikbaar). De training oefent vijf van zulke vormen: nee zeggen, een verzoek doen, kritiek uiten, kritiek ontvangen en opkomen voor jezelf.
- Wat kost oefenen?
- De assertiviteitstest en de gratis test van de training kosten niets. De training van dertig dagen kost €29 eenmalig, met 24 situaties per onderdeel en na elke keuze de uitleg waarom een andere zin beter werkte.