Klokkijken oefenen: klok lezen en klok zetten, gratis
Kies een niveau. Je krijgt 20 vragen, zonder tijdslimiet.
- Niveau 1: Hele en halve uren.
- Niveau 2: Kwartieren: kwart over en kwart voor erbij.
- Niveau 3: Op de minuut, zoals vijf voor half vier.
Twintig vragen per ronde op een wijzerklok. Om en om lees je de klok en kies je de tijd in woorden, of zie je een digitale tijd en kies je de klok die erbij hoort. Niveau 1 heeft hele en halve uren, niveau 2 kwartieren en niveau 3 elke minuut.
Zo leer je klokkijken in vier stappen
Kijk eerst alleen naar de kleine wijzer. Die wijst het uur aan en schuift langzaam van het ene getal naar het volgende. Staat hij precies op de 3 en de grote wijzer op de 12, dan is het drie uur. Staat hij halverwege de 3 en de 4, dan is het uur al bijna om.
Neem daarna de grote wijzer erbij en leer vier vaste plekken: bovenaan op de 12 is het hele uur, rechts op de 3 is het kwart over, onderaan op de 6 is het half en links op de 9 is het kwart voor. Met die vier plekken lees je al het grootste deel van de klokken die je op een dag ziet.
De derde stap is tellen in vijf minuten. Elk getal op de klok staat voor vijf minuten van de grote wijzer: de 1 is vijf over, de 2 is tien over, de 4 is tien voor half. Als laatste lees je de losse streepjes ertussen, en dan kun je de klok op de minuut lezen.
De fouten die het vaakst gemaakt worden
De bekendste fout is half vier lezen als half drie. Wie de kleine wijzer tussen de 3 en de 4 ziet staan, pakt het getal waar hij net voorbij is, terwijl het Nederlands het uur noemt waar hij naartoe gaat. Vanaf twintig over geldt dat ook: 3:25 is vijf voor half vier.
Een tweede fout is de wijzers verwisselen. Op een klok met dunne wijzers van bijna dezelfde lengte lees je de grote dan als uur en de kleine als minuten. Op deze klok is de minutenwijzer daarom lang en gekleurd. De derde fout is kwart over en kwart voor door elkaar halen: kwart over staat rechts op de 3, kwart voor links op de 9. In de oefening staan juist deze vergissingen tussen de foute antwoorden, zodat je ziet welke je zelf maakt.
Klok lezen en klok zetten
De twee vormen wisselen elkaar af. Bij klok lezen vertaal je de stand van de wijzers naar woorden, zoals je de tijd tegen iemand zegt. Bij klok zetten ga je de andere kant op: je ziet 9:45 zoals op een wekker en zoekt de wijzerklok die kwart voor tien aanwijst. Wie het een kan, kan het ander nog niet altijd, en daarom oefen je ze hier allebei.
Verder oefenen
Rekenen met de klok, zoals hoeveel minuten er tussen kwart over drie en tien voor vijf zitten, is gewoon optellen en aftrekken. Dat oefen je op rekenen oefenen. De tafels van 2 tot en met 12 staan op tafels oefenen, en de tafel van 5 is de tafel van de grote wijzer. Wie liever tegen de tijd speelt, probeert de sommen-race op rekenspelletjes.
Veelgestelde vragen
- Waarom is half vier eigenlijk 3:30?
- In het Nederlands tel je de halve uren naar het volgende uur toe: het is half op weg naar vier. In het Engels zeg je juist half past three, en daar komt veel van de verwarring vandaan.
- Welk niveau kies ik?
- Begin bij niveau 1 als je de halve uren nog moet zoeken. Heb je de twintig vragen daar goed, ga dan naar niveau 2 met de kwartieren en daarna naar niveau 3, waar de grote wijzer op elke minuut kan staan.
- Is er een tijdslimiet?
- Nee. Je kunt elke klok zo lang bekijken als je wilt. Na elke vraag zie je of je antwoord goed was, en zo niet, welke tijd het wel was.
- Wordt mijn score bewaard?
- Nee. De ronde draait in je browser, we vragen geen account en we sturen je antwoorden nergens heen. Elke nieuwe ronde geeft nieuwe tijden.