Dictee oefenen: drie dictees met uitleg per fout
Een dictee oefen je het best op zinnen met woorden die je niet op het gehoor kunt schrijven. Hieronder staan drie dictees van tien zinnen, telkens met één lastig woord weggelaten, een keuze uit drie spellingen en bij elke foute spelling de reden.
Dictee 1: het kantoor verhuist
Zin 1
Mijn nieuwe open plek 1werktafel staat op de derde verdieping.
Welke spelling is goed?
- A buro
- B bureau
- C burau
Toon het antwoord
B bureau. Bureau komt uit het Frans en houdt die spelling: de klank oo schrijf je als eau, net als in cadeau en niveau. Buro staat niet in de Woordenlijst. Burau mist de e van eau.
Zin 2
Op vrijdag open plek 1verhuizen de afdeling naar de nieuwe ruimte.
Welke spelling is goed?
- A verhuist
- B verhuisd
- C verhuizt
Toon het antwoord
A verhuist. De persoonsvorm bij de afdeling is stam plus t. De stam van verhuizen is verhuis, met een s, want een stam eindigt in het Nederlands nooit op een z. Verhuisd is het voltooid deelwoord (is verhuisd). Verhuizt bestaat niet.
Zin 3
De verhuizers waren open plek 1vol vuur en om acht uur al aan het sjouwen.
Welke spelling is goed?
- A entousiast
- B enthoesiast
- C enthousiast
Toon het antwoord
C enthousiast. Enthousiast komt uit het Grieks en heeft een th en een ou. Entousiast mist de h, en enthoesiast schrijft de oe zoals je hem hoort in plaats van met ou.
Zin 4
De open plek 1bestuurder van de vrachtwagen parkeerde voor de ingang.
Welke spelling is goed?
- A chaufeur
- B chauffeur
- C schauffeur
Toon het antwoord
B chauffeur. Chauffeur is Frans: ch aan het begin, au voor de o-klank en twee keer f. Chaufeur heeft één f te weinig, en schauffeur begint met de sch van schoen, die in dit woord niet hoort.
Zin 5
Gisteren open plek 1pakken Sven zijn spullen in dozen.
Welke spelling is goed?
- A pakte
- B pakde
- C pakten
Toon het antwoord
A pakte. De stam pak eindigt op een k, en die staat in ’t kofschip. Dan wordt de verleden tijd stam plus te. Pakde zou alleen kloppen als de stam niet op een kofschipletter eindigde. Pakten is meervoud, en Sven is één persoon.
Zin 6
Elke doos is met een nummer open plek 1stempelen.
Welke spelling is goed?
- A gestempelt
- B gestempelld
- C gestempeld
Toon het antwoord
C gestempeld. Het voltooid deelwoord volgt de verleden tijd: stempelde, dus gestempeld. De stam stempel eindigt op een l, en die staat niet in ’t kofschip. Gestempelt kiest de verkeerde letter, en gestempelld verdubbelt een l die enkel blijft.
Zin 7
De nieuwe open plek 1gebouw met ruimtes en voorzieningen heeft ook een eigen kantine.
Welke spelling is goed?
- A accomodatie
- B accommodatie
- C acommodatie
Toon het antwoord
B accommodatie. Accommodatie heeft twee keer een dubbele medeklinker: cc en mm. Accomodatie mist een m en acommodatie mist een c. Dit is een van de woorden die in dictees het vaakst misgaan.
Zin 8
Het parkeerterrein ligt open plek 1evenwijdig aan de snelweg.
Welke spelling is goed?
- A parallel
- B paralel
- C parrallel
Toon het antwoord
A parallel. Parallel heeft één r, in het midden een dubbele l en aan het eind een enkele l. Paralel mist de dubbele l in het midden, en parrallel verdubbelt de r.
Zin 9
Wie zijn pasje vergeten is, open plek 1melden zich bij de receptie.
Welke spelling is goed?
- A meld
- B melt
- C meldt
Toon het antwoord
C meldt. Wie is hier het onderwerp en staat in de derde persoon, dus stam plus t. De stam van melden is meld, met een d. Meld mist de t, en melt schrijft alleen wat je hoort.
Zin 10
De nieuwe indeling is pas open plek 1vastgesteld door de directie na de vergadering van maandag.
Welke spelling is goed?
- A oficieel
- B officieel
- C offisieel
Toon het antwoord
B officieel. Officieel heeft een dubbele f en een c die als s klinkt. Oficieel mist een f, en offisieel schrijft de c als s, zoals je hem hoort.
Dictee 2: een gesprek bij de bank
Zin 1
We hebben volgende week een gesprek over een open plek 1lening voor een huis.
Welke spelling is goed?
- A hypoteek
- B hipotheek
- C hypotheek
Toon het antwoord
C hypotheek. Hypotheek komt uit het Grieks: een y na de h en een th in het midden. Hypoteek mist de h van th, en hipotheek schrijft de y als i.
Zin 2
De adviseur open plek 1vinden ons inkomen hoog genoeg.
Welke spelling is goed?
- A vindt
- B vind
- C vint
Toon het antwoord
A vindt. De adviseur is één persoon in de derde persoon, dus stam plus t. De stam is vind, met een d, en daar komt de t achter. Vind mist de t, en vint schrijft wat je hoort.
Zin 3
Ze vroeg om een kopie van ons open plek 1pas of paspoort waarmee je laat zien wie je bent.
Welke spelling is goed?
- A identiteidsbewijs
- B identiteitsbewijs
- C indentiteitsbewijs
Toon het antwoord
B identiteitsbewijs. Het woord is identiteit plus s plus bewijs. Identiteit eindigt op een t, ook in de samenstelling, dus identiteidsbewijs is fout. Indentiteitsbewijs heeft een n te veel aan het begin.
Zin 4
Daarna open plek 1rekenen ze uit hoeveel we per maand kwijt zouden zijn.
Welke spelling is goed?
- A rekente
- B rekende
- C rekendde
Toon het antwoord
B rekende. Ze is hier de adviseur, één persoon. De stam reken eindigt op een n, en die staat niet in ’t kofschip, dus stam plus de. Rekente kiest de verkeerde letter, en rekendde zet de d twee keer.
Zin 5
Er komt eerst een open plek 1iemand die de waarde van het huis schat langs.
Welke spelling is goed?
- A taksateur
- B taxatuur
- C taxateur
Toon het antwoord
C taxateur. Taxateur hoort bij taxeren en houdt de x. Het eind is eur, zoals in chauffeur en adviseur. Taksateur schrijft de x als ks, en taxatuur heeft het eind van een woord als natuur.
Zin 6
Het huis is twee jaar geleden helemaal open plek 1verbouwen.
Welke spelling is goed?
- A verbouwd
- B verbouwt
- C verbouwdt
Toon het antwoord
A verbouwd. Een voltooid deelwoord eindigt op een d of een t, nooit op allebei. De verleden tijd is verbouwde, want de w staat niet in ’t kofschip, dus het deelwoord is verbouwd. Verbouwt is de tegenwoordige tijd (hij verbouwt), en verbouwdt bestaat niet.
Zin 7
Ze gaf ons een open plek 1bewijs dat er betaald is mee voor de taxatie.
Welke spelling is goed?
- A kwitancie
- B kwitantie
- C quitantie
Toon het antwoord
B kwitantie. Het Nederlandse woord is kwitantie, met kw en tie aan het eind, zoals in politie. Kwitancie schrijft het eind met een c, en quitantie gebruikt de qu van het Franse woord.
Zin 8
Over twee weken open plek 1beslissen de bank of de lening doorgaat.
Welke spelling is goed?
- A beslisd
- B beslistt
- C beslist
Toon het antwoord
C beslist. De bank is het onderwerp en staat in de derde persoon, dus stam plus t. De stam van beslissen is beslis, met één s aan het eind, dus beslist. Beslisd zet een d waar een t hoort, en beslistt een t te veel.
Zin 9
De adviseur zei dat alle gegevens open plek 1geheim, niet voor anderen blijven.
Welke spelling is goed?
- A vertrouwelijk
- B vertrouwlijk
- C vertrouwelek
Toon het antwoord
A vertrouwelijk. Vertrouwelijk is vertrouwe plus lijk, met ij. De e voor lijk hoor je nauwelijks, maar hij blijft staan. Vertrouwlijk laat die e weg, en vertrouwelek schrijft het eind zoals je het uitspreekt.
Zin 10
Ons open plek 1bedrag dat je per maand kunt uitgeven is nu duidelijk.
Welke spelling is goed?
- A budjet
- B budget
- C butget
Toon het antwoord
B budget. Budget komt via het Engels uit het Frans en heeft een g die als zj klinkt. Budjet schrijft die klank met een j, en butget maakt van de d een t.
Dictee 3: een afscheidsetentje
Zin 1
Na twintig jaar bij het bedrijf gaat Marieke met open plek 1stoppen met werken om je leeftijd.
Welke spelling is goed?
- A pensjoen
- B pentsioen
- C pensioen
Toon het antwoord
C pensioen. In pensioen klinkt de si als sj, net als in televisie en versie, en toch schrijf je si. Pensjoen schrijft wat je hoort, en pentsioen heeft een t die er niet in hoort.
Zin 2
Het team open plek 1organiseren een etentje in een restaurant aan het water.
Welke spelling is goed?
- A organiseert
- B organiseerd
- C organizeert
Toon het antwoord
A organiseert. Het team is één groep, dus de persoonsvorm is stam plus t: organiseer plus t. Organiseerd verwart de persoonsvorm met het voltooid deelwoord (georganiseerd). Organizeert gebruikt de z van het Engelse organize.
Zin 3
Samen hebben we een open plek 1geschenk voor haar gekocht.
Welke spelling is goed?
- A kado
- B cadau
- C cadeau
Toon het antwoord
C cadeau. Cadeau is Frans en houdt de eau, net als bureau. Kado zie je vaak in winkels, maar staat niet in de Woordenlijst. Cadau mist de e van eau.
Zin 4
Het restaurant open plek 1bevestigen gisteren de reservering per mail.
Welke spelling is goed?
- A bevestigde
- B bevestigte
- C bevestigdde
Toon het antwoord
A bevestigde. Gisteren vraagt om de verleden tijd. De stam bevestig eindigt op een g, en die staat niet in ’t kofschip, dus stam plus de. Bevestigte kiest de verkeerde letter, en bevestigdde zet de d twee keer.
Zin 5
Wie geen vlees eet, kan kiezen voor het open plek 1zonder vlees of vis menu.
Welke spelling is goed?
- A vegatarische
- B vegetarische
- C vegeterische
Toon het antwoord
B vegetarische. Vegetarisch is ve, ge, ta, risch: twee keer een e en daarna een a. Na het en voor een zelfstandig naamwoord krijgt het een e achteraan: het vegetarische menu. Vegatarische en vegeterische zetten de a of de e op de verkeerde plek.
Zin 6
Bij het open plek 1nagerecht hield de teamleider een korte toespraak.
Welke spelling is goed?
- A desert
- B dessèrt
- C dessert
Toon het antwoord
C dessert. Dessert is Frans en heeft twee keer s. Desert, met één s, is het Engelse woord voor woestijn. Dessèrt zet een accent op de e dat er in het Nederlands niet op hoort.
Zin 7
Marieke open plek 1bedanken iedereen voor de jaren samen.
Welke spelling is goed?
- A bedankd
- B bedankt
- C bedanktt
Toon het antwoord
B bedankt. Marieke is één persoon in de derde persoon, dus stam plus t. De stam van bedanken is bedank, en daar komt een t achter. Bedankd zet een d waar een t hoort, en bedanktt heeft een t te veel.
Zin 8
Er werd veel open plek 1lachen om haar verhalen over de eerste jaren.
Welke spelling is goed?
- A gelachen
- B gelacht
- C gelachd
Toon het antwoord
A gelachen. De verleden tijd van lachen is lachte, maar het voltooid deelwoord is gelachen, op en, net als bij gebakken van bakken. Gelacht en gelachd maken het deelwoord met een t of een d, zoals bij werken en bellen, en dat klopt bij lachen niet.
Zin 9
De avond was een groot open plek 1iets wat goed afloopt.
Welke spelling is goed?
- A sukses
- B succes
- C succses
Toon het antwoord
B succes. Succes komt uit het Latijn en heeft een dubbele c, waarvan de tweede als s klinkt. Sukses schrijft wat je hoort, en succses zet na de cc nog een s die er niet in hoort.
Zin 10
Haar opvolger is vorige week al open plek 1benoemen.
Welke spelling is goed?
- A benoemt
- B benoemd
- C benoemdt
Toon het antwoord
B benoemd. De verleden tijd is benoemde, want de stam benoem eindigt op een m, en die staat niet in ’t kofschip. Het voltooid deelwoord is dan benoemd. Benoemt is de tegenwoordige tijd (zij benoemt), en benoemdt bestaat niet.
Bewaar je uitslagen
Met een gratis account staan de uitslagen van je korte tests op één plek, met de datum erbij.
Zo werken de drie dictees
Elk dictee is een kort verhaal van tien zinnen. Op de plek van het lastige woord staat een vakje, met tussen haakjes wat het woord betekent of, bij een werkwoord, het hele werkwoord. Schrijf het woord eerst zelf op en kies dan uit de drie spellingen. De uitleg noemt de regel en zegt bij elke foute spelling waarom die niet klopt.
In elk dictee zitten twee soorten valkuilen. De eerste soort zijn woorden die je niet schrijft zoals je ze hoort: bureau, enthousiast, hypotheek. Die leer je door ze te zien. De tweede soort zijn werkwoorden, waar een regel beslist tussen d en t. Wie daar vaak twijfelt, oefent verder op werkwoordspelling oefenen.
Verder oefenen
Op spelling oefenen staan tien opgaven over hun en hen, hoofdletters, aaneen of los en leestekens, met bij elke regel de bron. Wil je weten hoe je ervoor staat, doe dan de spellingtest: vijftien vragen met na elke vraag de regel en aan het eind je aantal goed. Geen van de zinnen in die test staat op deze pagina.
Veelgestelde vragen
- Hoe oefen je een dictee zonder dat iemand voorleest?
- Lees de zin, kijk wat er tussen haakjes staat en schrijf het woord eerst zelf op een papiertje. Kies daarna uit de drie spellingen en klap het antwoord open. Wie wil, laat iemand de zinnen voorlezen en vult het woord in zonder naar de keuzes te kijken.
- Welke woorden gaan in een dictee het vaakst mis?
- Leenwoorden uit het Frans, Engels en Grieks, zoals bureau, chauffeur en hypotheek, en woorden met een dubbele medeklinker, zoals accommodatie en parallel. Daarnaast de werkwoorden: de d of de t in de persoonsvorm en het voltooid deelwoord. In elk dictee hieronder zitten beide soorten.
- Is dit voor school of voor volwassenen?
- Voor volwassenen. De zinnen gaan over een verhuizing op het werk, een gesprek bij de bank en een afscheidsetentje. Alle namen zijn verzonnen. De spellingtest en de andere oefenpagina’s speel je zonder account.