Naar de inhoud
skillido

Werkwoordspelling oefenen met berichten van je werk

Hieronder staan drie berichten zoals je ze op je werk schrijft, elk met twee open plekken en vier antwoorden. Achter een klik lees je welke vormen erin horen, de regel die beslist en de proef die je zelf kunt doen.

  1. Som 1

    Teamchat. HR aan Daan: "Welkom! Vanaf maandag open plek 1worden je ingeroosterd op de vroege dienst. Elke vrijdag open plek 2worden je loonstrook naar je privémail gestuurd."

    Welke vormen horen op plek 1 en plek 2?

    • A wordt / word
    • B word / word
    • C wordt / wordt
    • D word / wordt
    Bekijk het antwoord

    D word / wordt. Bij plek 1 is je het onderwerp ("word jij ingeroosterd"), dus geen t. Bij plek 2 betekent je "jouw": het onderwerp is "je loonstrook", dus wordt. Proef met blijken: "blijkt je loonstrook", met t.

  2. Som 2

    Mail. "Hoi Sanne, vorige maand open plek 1verhuizen ons kantoor naar de Stationsstraat. Ik open plek 2fietsen er de eerste dag meteen heen."

    Welke vormen horen op plek 1 en plek 2?

    • A verhuisde / fietste
    • B verhuiste / fietste
    • C verhuisde / fietsde
    • D verhuiste / fietsde
    Bekijk het antwoord

    A verhuisde / fietste. In verhuizen hoor je een z, niet in 't kofschip: verhuisde. In fietsen is de slotklank een s, wel in 't kofschip: fietste.

  3. Som 3

    Mail van de facilitaire dienst. "De oven in de kantine open plek 1verbranden bijna elke pizza. Gisteren is er weer een pizza open plek 2verbranden, dus we laten de oven nakijken."

    Welke vormen horen op plek 1 en plek 2?

    • A verbrand / verbrandt
    • B verbrandt / verbrandt
    • C verbrandt / verbrand
    • D verbrand / verbrand
    Bekijk het antwoord

    C verbrandt / verbrand. Plek 1 is de persoonsvorm bij "de oven" (hij): verbrandt. Plek 2 is het deelwoord bij "is": geen ge- na ver-, en de stam eindigt al op d. Proef: in het meervoud verandert "verbranden" mee, "zijn verbrand" niet.

Oefenen op de berichten die je toch al schrijft

De meeste oefeningen voor werkwoordspelling zijn voor de basisschool geschreven, met losse zinnen over de hond of de juf. Op je werk twijfel je op andere plekken: in een mail aan een klant, in een vraag aan een collega in de teamchat, in een notitie na een overleg. Daar gaan deze opgaven over. De namen en de berichten zijn verzonnen.

Wat je in de gratis test oefent

De test heeft vijf onderdelen: de tegenwoordige tijd, de verleden tijd, het voltooid deelwoord, lastige gevallen zoals Engelse werkwoorden, en een fout vinden in een mail. Per onderdeel krijg je drie opgaven, samen ongeveer zes minuten, zonder account. Daarna zie je je Werkwoordscore van 0 tot 100. Wat er in het programma van dertig dagen zit, staat op de pagina Werkwoordspelling, en de andere tests over taal staan onder Taal en lezen.

Bij elk antwoord de regel en de bron

Na elke keuze lees je waarom het goede antwoord goed is, met de proef die je de volgende keer zelf doet, bijvoorbeeld de zin met lopen of blijken in plaats van het werkwoord. Daaronder staat de zin van Taaladvies.net of Onze Taal waar de regel staat, met een link. Zo zie je waar een regel vandaan komt in plaats van alleen dat je fout zat.

Wil je alleen de d en de t op een rij, lees dan d of t: zo kies je de goede vorm. Over word en wordt gaat word je of wordt je, en over Engelse werkwoorden geüpdatet of geüpdated.

Veelgestelde vragen

Is dit voor scholieren of voor volwassenen?
Voor volwassenen. De opgaven zijn mails en berichten in een teamchat. Een account en een aankoop zijn er vanaf 16 jaar; de gratis test kun je zonder account doen.
Waar komen de regels vandaan?
Uit Taaladvies.net en de Woordenlijst Nederlandse Taal. Bij elke opgave in de test staat de zin waar de regel staat, met een link naar die pagina.
Wat kost het?
De test is gratis en vraagt geen e-mailadres. Daarna kun je het programma van dertig dagen kopen voor €29 eenmalig, maar dat hoeft niet.
Werkwoordspelling oefenen met werkberichten | Skillido