Woordenschat oefenen: test met 20 woorden plus de lijst moeilijke woorden
Ronde van 20 woorden
Woord 1 van 20
Welk woord past het best bij "accorderen"?
Woordenschat oefenen doe je door woorden in een tekst te herkennen en ze met een eigen omschrijving of een ander woord te verbinden. Hieronder staat een ronde van twintig woorden uit zakelijke teksten, en daaronder een lijst van veertig woorden die je daarin vaak tegenkomt.
Moeilijke woorden: 40 woorden die je in zakelijke teksten tegenkomt
Dit zijn woorden uit brieven van gemeenten, uit contracten, vacatureteksten en beleidsstukken. Je gebruikt ze zelden zelf, maar je leest ze vaak. Bij elk woord staat een korte omschrijving.
- onderkennen
- zien en toegeven dat iets zo is
- weerleggen
- aantonen dat een bewering niet klopt
- betwisten
- zeggen dat iets niet waar of niet terecht is
- transformeren
- in iets anders veranderen
- accorderen
- akkoord geven op een voorstel
- vrijstellen
- niet laten meedoen aan een verplichting
- verlenen
- officieel aan iemand geven
- intrekken
- een eerder besluit ongedaan maken
- begroten
- vooraf uitrekenen wat iets gaat kosten
- verrekenen
- bedragen tegen elkaar wegstrepen
- incasseren
- geld ontvangen dat iemand je verschuldigd is
- onverwijld
- zonder te wachten
- eerdaags
- niet lang meer dan nu
- vooralsnog
- voor nu, zonder dat het vaststaat
- doortastend
- snel en vastberaden handelend
- integer
- volgens je principes handelen, ook als niemand kijkt
- nalatig
- niet doen wat je had moeten doen
- halsstarrig
- niet te overtuigen, ook als je ongelijk hebt
- arbitrair
- zonder duidelijke reden gekozen
- dubieus
- twijfelachtig en niet te vertrouwen
- onomkeerbaar
- niet meer terug te draaien
- discutabel
- waar je over kunt twisten
- marginaal
- zo klein dat het amper verschil maakt
- substantieel
- groot genoeg om echt uit te maken
- incidenteel
- slechts nu en dan voorkomend
- initiëren
- als eerste in gang zetten
- ondervangen
- een probleem vooraf tegengaan
- bewerkstelligen
- ervoor zorgen dat iets gebeurt
- anticiperen
- alvast rekening houden met wat komt
- kader
- de grenzen en afspraken waarbinnen iets gebeurt
- strekking
- de kern van wat er gezegd wordt
- nuance
- een klein verschil binnen hetzelfde onderwerp
- tegenstrijdig
- niet samen kunnen kloppen
- representatief
- typerend voor de hele groep
- inzake
- met betrekking tot
- conform
- in overeenstemming met
- derhalve
- om die reden
- evenwel
- maar toch
- tevens
- en ook
- niettemin
- ondanks wat zojuist is gezegd
Waarom woordenschat telt bij een sollicitatie en bij B1-teksten
Een tekst leest zo vlot als je de woorden erin kent. Komt er in een alinea één onbekend woord voor, dan raad je de betekenis uit de zin en lees je door. Staan er vijf in één alinea, dan wordt het raden een gok op een gok, en haak je af of lees je iets anders dan er staat. Dat merk je het eerst bij teksten waarin vaktaal en ambtelijke taal door elkaar lopen.
Bij een sollicitatie kom je die teksten overal tegen. Een vacature vraagt om iemand die proactief is en conform afspraken werkt. Een arbeidsovereenkomst spreekt over een voorbehoud, een proeftijd die onverwijld ingaat en kosten die je kunt declareren. Een assessment of een vragenlijst bevat zinnen waarin één woord bepaalt welk antwoord klopt. Wie zo'n woord niet kent, beantwoordt een andere vraag dan er staat.
Hetzelfde geldt voor teksten op taalniveau B1. Dat niveau schrijf je met korte zinnen en gewone woorden, maar je leest ook veel teksten die er zelf niet op geschreven zijn. Op taalniveau B1 lees je wat het niveau inhoudt en hoe je een stijve zin eenvoudiger maakt. Daar hoort een ruime woordenschat bij: je kiest pas een eenvoudiger woord als je weet welk woord je vervangt en wat het precies betekende.
Woordenschat is niet hetzelfde als begrijpend lezen. Je kunt elk woord kennen en toch de strekking missen, en je kunt de strekking raden terwijl er drie woorden ontbreken. Voor het tweede oefen je op begrijpend lezen oefenen; deze pagina gaat over de woorden zelf.
Drie manieren om moeilijke woorden te onthouden
1. Zet het woord in een zin van jezelf. Een omschrijving lezen is iets anders dan het woord gebruiken. Schrijf bij accorderen een zin uit je eigen werk, zoals "mijn leidinggevende accordeert de planning vandaag". Die zin heb je zelf bedacht, en daardoor is hij makkelijker op te roepen dan de omschrijving van iemand anders.
2. Koppel het aan een woord dat je al kent. Veel moeilijke woorden hebben een gewoon broertje. Derhalve is "dus", inzake is "over" en vooralsnog is "voorlopig". Schrijf het paar op één regel en dek de rechterkant af. Dat is de werkwijze van de synoniemvragen in de ronde hierboven, en je kunt hem op papier herhalen met je eigen woorden.
3. Herhaal na een dag, na drie dagen en na een week. Een woord dat je op maandag leert en dinsdag niet meer ziet, is donderdag weg. Plan een korte herhaling: kijk morgen naar de woorden van vandaag, over drie dagen naar die van gisteren. Speel daarvoor gerust dezelfde ronde nog eens; elke nieuwe ronde trekt andere woorden uit de lijst, dus je komt de moeilijke vanzelf weer tegen.
Pak per dag niet meer dan vijf woorden. Tien woorden in één keer leest soepel en blijft niet hangen, vijf woorden die je echt gebruikt wel. Lees tussendoor ook gewoon: een krantenartikel of een brief van je gemeente geeft je de woorden in hun eigen omgeving, en juist de omgeving helpt je ze te onthouden.
Zo gebruik je de ronde
De ronde hierboven heeft tien vragen naar de betekenis en tien naar een woord dat erbij past. Na elk antwoord zie je de omschrijving van het woord en een ander woord ervoor, ook als je het goed had. Aan het eind staan de woorden die misgingen onder elkaar. Dat is je leeslijst voor de volgende keer. De woorden komen uit een lijst van 150; alle omschrijvingen zijn voor Skillido zelf geschreven.
Veelgestelde vragen
- Hoe oefen je je woordenschat?
- Lees dagelijks een stuk tekst dat net boven je gemak ligt, onderstreep drie woorden die je niet zeker weet en zoek de omschrijving op. Gebruik elk nieuw woord daarna zelf in een zin. Een ronde op deze pagina helpt om te zien welke woorden nog niet vastzitten.
- Wat zijn moeilijke woorden in zakelijke teksten?
- Woorden die in brieven van instanties, contracten en beleidsstukken staan en die weinig mensen zelf gebruiken, zoals accorderen, derhalve, inzake en vooralsnog. Op deze pagina staat een lijst van 40 van zulke woorden met een korte omschrijving.
- Hoeveel woorden bevat de woordenlijst?
- De lijst telt 150 formele en zakelijke woorden. Elke ronde trekt er 20 uit, tien met de vraag naar de betekenis en tien met de vraag naar een woord dat erbij past. De omschrijvingen zijn voor deze pagina zelf geschreven.
- Zegt de score iets over mijn taalniveau?
- Nee. Het aantal goed van twintig laat zien welke van deze woorden je kent, en meer niet. Het is geen toets van een taalniveau en er is geen vergelijking met andere spelers, omdat daar nog te weinig spelers voor zijn.