Naar de inhoud
skillido

Artikel 4 van de AI-verordening: wat staat er nu?

Artikel 4 van de AI-verordening vraagt organisaties die AI-systemen aanbieden of gebruiken maatregelen te nemen die de AI-geletterdheid van hun mensen ondersteunen. Sinds de omnibus van 2026 staat er uitdrukkelijk bij dat die plicht geen bepaald niveau per persoon vereist.

Wat er in artikel 4 staat

Het eerste lid richt zich op aanbieders en gebruikers van AI-systemen: zij nemen maatregelen om de AI-geletterdheid van hun personeel te ondersteunen, en van anderen die namens hen met die systemen werken. Daarbij kijken ze naar wat iemand al weet en kan, naar de opleiding en ervaring, en naar de context waarin het systeem wordt gebruikt. Na de omnibus staat er een zin achter die de grens trekt:

“This obligation does not require providers or deployers to guarantee any specific level of AI literacy of any individual.”

Een organisatie hoeft dus geen niveau per persoon te waarborgen. Ze moet wel iets doen. Het tweede lid vraagt de Europese Commissie en de lidstaten organisaties daarbij te helpen, onder meer met praktijkvoorbeelden. Bron: de tekst van artikel 4 bij de AI Act Service Desk van de Europese Commissie.

Een inspanning, geen uitkomst

In haar vragen en antwoorden over AI-geletterdheid vat de Commissie de wijziging zo samen: AI-geletterdheid blijft een plicht, maar er wordt geen bepaald of ‘voldoende’ niveau voorgeschreven. Over bewijs schrijft ze: “There is no need for a certificate.” Een organisatie kan zelf bijhouden welke trainingen en begeleiding ze aanbood. Bron: AI Literacy, Questions & Answers.

Een training of bewijs van afronding is geen bewijs dat een organisatie aan de AI-verordening voldoet. Het laat alleen zien dat er een maatregel genomen is.

Wat telt als maatregel

Het artikel geeft geen lijst. Het vraagt maatregelen die passen bij de mensen en het gebruik: wie dagelijks een AI-assistent gebruikt voor klantmails heeft iets anders nodig dan wie een systeem bouwt. Denk aan afspraken over wat je wel en niet invoert, uitleg over hoe zo'n assistent een antwoord maakt, en oefenen met het nagaan van wat eruit komt. Voor wie AI-systemen met een hoog risico inzet, blijft daarnaast de plicht bestaan om personeel te trainen voor menselijk toezicht.

Oefenen met AI-antwoorden

De training AI-geletterdheid: AI-antwoorden controleren is zo'n maatregel: dertig dagen oefenen met verzonnen bronnen, wat je invoert, eenzijdige antwoorden en wanneer je meldt dat iets met AI is gemaakt, met bij elk antwoord de uitleg en de bron. Begin met de gratis test van vijftien vragen. Wat artikel 50 vraagt over melden, staat in Artikel 50: wanneer meld je dat iets met AI is gemaakt?

Veelgestelde vragen

Moet elke medewerker een cursus volgen?
Het artikel noemt geen cursus en geen toets. Het vraagt maatregelen die passen bij wat iemand al weet, bij het systeem en bij waarvoor het gebruikt wordt. Een training kan zo’n maatregel zijn, een interne werkafspraak of begeleiding ook.
Moet je kunnen aantonen dat iedereen AI-geletterd is?
Nee. De Europese Commissie schrijft dat er geen certificaat nodig is en dat een organisatie zelf kan bijhouden welke trainingen en andere maatregelen ze nam.
Sinds wanneer geldt artikel 4?
Volgens de Commissie geldt de plicht sinds 2 februari 2025. Het toezicht door de nationale toezichthouders begint in augustus 2026.
Artikel 4 AI-verordening: wat staat er nu? | Skillido